Toen Margreet Rijgersberg op 1 juni 2001 begon met de Vrijwilligerscentrale van Houten, was er nog niks. Geen kantoor, geen website en geen netwerk. Alleen een opdracht: in oktober moest er een vrijwilligerscentrale staan. “Ze vroegen me tijdens de sollicitatie: kun je morgen beginnen?”, vertelt Margreet met een lach.
Dat juist Margreet die taak kreeg, was geen toeval. Ze had tijdens haar studie in Delft al een scriptie geschreven over vrijwilligerswerk. Toen het Nationale Jaar van de Vrijwilliger extra subsidie opleverde voor gemeenten, besloot Houten ermee aan de slag te gaan. Margreet solliciteerde – en mocht de dag erna gelijk beginnen. “Ik werkte toen twaalf uur per week”, vertelt ze. “Ik zat op een flexplek op het gemeentehuis en kende daardoor al snel veel mensen uit het welzijnswerk.”
Vanaf dat moment begon het pionieren. “Ik heb alle organisaties een brief gestuurd: meld je vrijwilligersvacatures aan. De vacatures kwamen op een informatiezuil in de bibliotheek terecht. Via advertenties in de krant werden inwoners uitgenodigd om daar te komen kijken. En daarnaast hield ik spreekuren in de bibliotheek. Die persoonlijke gesprekken waren ontzettend belangrijk.”

Volgens Margreet was een vrijwilligerscentrale hard nodig. “Alles was versnipperd. Mensen wisten niet waar ze moesten zoeken en organisaties wisten niet hoe ze vrijwilligers konden vinden. De centrale bracht vraag en aanbod samen op één plek.”
Al snel groeide haar werk verder dan alleen bemiddelen en na twee jaar werd de vrijwilligerscentrale onderdeel van vanHouten&co. “We gingen organisaties ook adviseren, begeleiden en informatie geven, bijvoorbeeld over het belang van vrijwilligerscontracten en-verzekeringen.” Ook scholing voor vrijwilligers vond Margreet belangrijk. “Vrijwilligers zijn vaak het visitekaartje van een organisatie. Denk aan een gastvrouw of receptionist die bezoekers ontvangt.
Dan wil je mensen ook iets meegeven.” Daarom zette de Vrijwilligerscentrale zich in voor trainingen en cursussen die aansloten bij de praktijk.Het belangrijkste uitgangspunt bleef altijd hetzelfde: voor iedereen is er een passende plek te vinden. “Als je maar weet wat iemand wil en kan.”
In de afgelopen 25 jaar zag Margreet het vrijwilligerswerk sterk veranderen. “Vroeger gingen organisaties ervan uit dat mensen zich jarenlang verbonden. Nu is vrijwilligerswerk veel flexibeler.” Volgens haar draait het tegenwoordig vaker om vrijwillige inzet: kortdurend, projectmatig of eenmalig. “De kunst is dat organisaties leren meebewegen met veranderingen in de maatschappij.”
Van maatschappelijke stages tot bedrijven die maatschappelijk willen ondernemen – steeds kwamen er nieuwe ontwikkelingen voorbij. “Dan moest je opnieuw kijken: hoe kunnen we dit goed organiseren?”
Wat Margreet vooral is bijgebleven, zijn de mensen achter de hulpvragen. Zoals de man die na het overlijden van zijn vrouw graag nog één keer op vakantie wilde, maar hulp nodig had bij praktische verzorging. “Hij vroeg: is er niet iemand die met me mee wil? Die vraag legde ik neer in het netwerk formele en informele zorg waar ik voorzitter van was. Via het Rode Kruis vonden we een passende vrijwilliger. Dat soort individuele bemiddelingen waren bijzonder.”
Nog steeds komt ze mensen tegen die dankzij de Vrijwilligerscentrale mooi vrijwilligerswerk hebben gevonden. “Dan zeggen ze: ‘Dat heb ik aan jou te danken.’ Dat blijft leuk.”
Ook nieuwe initiatieven ontstonden vanuit verbindingen via de centrale. Bijvoorbeeld taalondersteuning, fietslessen, bewegingsactiviteiten voor buitenlandse vrouwen samen met een collega bij vanHouten&co en activiteiten voor nieuwkomers samen met VluchtelingenWerk in Houten. “Sommige mensen vonden daardoor zelfs betaald werk.”
Na vijftien jaar stopte Margreet bij de vrijwilligerscentrale, maar stilzitten deed ze niet. Zes jaar geleden werd ze vrijwilliger bij KrachtigPlus Houten, een initiatief voor mensen die net met pensioen zijn.
“We merkten dat veel mensen na hun pensioen in een gat vielen”, vertelt ze. Samen met anderen zette ze ontmoetingsbijeenkomsten op in verschillende wijken van Houten. “We vroegen: wat vind je leuk om te doen? De ideeën werden op grote flappen verzameld en mensen met dezelfde interesses koppelden we aan elkaar.” Dat bleek een schot in de roos. “Er ontstonden zó veel initiatieven. Wandelgroepen, eetclubjes, creatieve activiteiten. Vooral de energie die daarbij vrijkwam vind ik mooi.”
Zelf begrijpt ze niet goed waarom sommige mensen níét aan vrijwilligerswerk doen. “Je krijgt er zo veel voor terug. Het houdt je actief, gezond en betrokken bij anderen. Bovendien bouw je aan iets waardevols voor later: je creëert een netwerk waarop je kunt terugvallen. Er is voor iedereen wel iets leuks te doen. Kijk eens om je heen wat nodig is. Want vrijwilligerswerk”, zegt Margreet, “maakt het leven rijker.“
Dit verhaal verscheen in het blad Vrijwilligers in Houten van de Vrijwilligerscentrale.